De antipsychiatrie

Van veel dingen word ik moe. Drukke treinen, pleinen, mensen die schreeuwen, alle emoties, mezelf (keer drie), Thierry Baudet, de VS, het gemiauw van mijn kat en niet weten wat ze wil. Maar de laatste tijd ook steeds vaker van de in de psychiatrie gangbare termen ‘stoornis’ en ‘behandeling’. Voor mijn essay in de dsmmini Borderline (binnenkort via dsmmeisjes gepubliceerd) zocht ik eens op Google op de term borderline persoonlijkheidsstoornis. Ik kon op talloze websites vinden welke behandelingen geschikt zijn om van deze stoornis te genezen. Volg een jaar lang drie à vijf dagen schematherapie of mentalization based treatment (MBT) en je hebt minder tot geen last meer van je borderline.

Waarom moeten we continu overal van genezen? En specifiek: waarom zouden we moeten genezen van ‘psychiatrische stoornissen’? Daar vind ik, als borderliner (nee, grapje, gewoon als persoon maar toevallig wel gediagnosticeerd met borderline), iets van. Ik heb met beide genoemde therapieën kennis mogen maken; met schematherapie heel kort omdat ik vanwege mijn ‘problematische affectregulatie’ de groep uit werd gezet en met MBT ruim een jaar. Na dat jaar was er niets aan mijn borderline ‘genezen’. Ik kreeg er wel een flink portie zelfstigma, gevoel van afwijzing en groot falen gratis bij. Ik was namelijk niet genezen.

De mythe van de geestesziekte

Onlangs werd ik door een fan van mijn blog (ja, ik heb fans) gewezen op de stroming van de antipsychiatrie in de jaren 60. Alles met het woord anti erin vind ik fascinerend en dat het dan ook nog eens vastzit aan het woord psychiatrie maakte me wild enthousiast. Mijn kritiek op de psychiatrie en ongelukkig gekozen termen als stoornis, mentaal ziek, behandeling en genezing is natuurlijk niet iets nieuws. Toch jammer dat ook deze kritiek weer een herhaling blijkt te zijn, uiteindelijk is alle kritiek een herhaling (alles is een herhaling van een herhaling van een herhaling van een herhaling van de geschiedenis).

De antipsychiatrie van de jaren 60 werd gestimuleerd door onder andere Michel Foucault (met zijn proefschrift Folie et déraison. Histoire de la folie à l’âge Classique), Thomas Szasz (en zijn boek met de fantastische titel The Myth of Mental Illness) en in Nederland Jan Foudraine en Kees Trimbos. Een aantal van de speerpunten van de antipsychiatrie:

1. De definities en criteria van zogenaamde ‘stoornissen’ zijn te vaag omschreven en ook nog eens vrij voor individuele interpretatie;
2. Veel van de toen gangbare behandelingen waren eerder schadelijk voor patiënten dan nuttig;
3. De (on)bewuste machtsverhouding tussen patiënt en therapeut, waarbij patiënt en therapeut elkaar ook nog eens alleen maar in een geïnstitutionaliseerde omgeving spreken, is schadelijk en vernederend voor de patiënt;
4. De vermenging van farmaceutische bedrijven in de psychiatrie is problematisch.

Iedereen die op welke manier dan ook met de psychiatrie in aanraking is gekomen zal beamen dat de bovenstaande punten ook nu nog het bespreken waard zijn.

Wat is een stoornis?

Laat ik beginnen met het eerste punt. Wat is in hemelsnaam een stoornis? Thomas Szasz schreef hier het volgende over (door mij geparafraseerd en dus geïnterpreteerd): met de term ‘psychiatrische stoornis’ (overigens een verwarde combinatie van een medisch en psychologisch begrip) wordt de macht van de psychiatrie gerechtvaardigd om afwijkingen van maatschappelijke normen in bedwang te houden en te begrenzen (bron: Szasz, T. Geestesziekte als mythe – een pleidooi tegen onvrijwillige psychiatrie, Lemniscaat 1972).

Een stoornis betekent inderdaad afwijkend, maar afwijkend van wat? Hoe ben ik met mijn gedrag, door de psychiatrie gelabeld als borderlinegedrag, afwijkend? De term ‘psychiatrische stoornis’ is duidelijk een door de maatschappij geconstrueerde term om aan te geven dat het een anders of afwijkend is van het ander. Maar wat is het een en wat is het ander?

Hetzelfde geldt voor de term ‘therapie’ of ‘behandeling’. Therapie betekent geneeswijze, dat wil zeggen: het behandelen van een ziekte. In therapie gaan betekent dus veranderen. Waarom zou ik moeten veranderen? Plus: behandelingen zijn vaak gericht op een specifieke ziekte, een stoornis, een diagnose. ‘In therapie gaan’ werkt vaak als volgt: je krijgt een persoonlijkheidsonderzoek, een of meerdere diagnoses, een behandeladvies en dan begin je aan een behandeling. Is iedere patiënt met dezelfde ziekte geholpen met dezelfde behandeling? Lijkt me niet. Een andere vraag: heeft een behandeling nu echt zin voor iemand met emotionele/psychische problemen? Is tijd, aandacht en liefde (wat vaak gelukkig wel indirect in de behandeling zit, maar wel wat explicieter mag) niet het voornaamste?

De macht van de psychiatrie

Ik vraag me gelukkig niet elke dag af waarom ik als afwijkend word gezien of waarom ik in therapie zou moeten om minder ‘last’ te hebben van mijn ‘symptomen’. Maar het probleem zit hier wel, namelijk dat de psychiatrie ervan uitgaat dat zij er is om mensen te genezen van een ziekte. De psychiatrie bepaalt op deze manier dat de patiënt die om hulp komt vragen ziek is en genezen moet worden. En bepaalt dan ook nog eens wélke ziekte deze patiënt heeft. Dat is de macht van de psychiatrie, en daarmee ook van de psychiater/behandelaar die de grenzen en regels bepaalt. De behandelaar legt dan wel de verantwoordelijkheid bij de patiënt, maar wie heeft nu eigenlijk de touwtjes in handen?

Ik maak er geen probleem van om mezelf psychiatrisch patiënt te noemen, maar dat maakt me niet ziek. Ik vraag wel om een behandeling, maar niet om van een ziekte te genezen. Ik vraag overigens liever niet om een behandeling of een therapie, maar zo heet het in het systeem psychiatrie nu eenmaal. Liever vraag ik om zorg, of gewoon om een goed gesprek. Remedial teaching, zoals mijn huidige psychiater het omschrijft (maar ik vind Engelse termen dan weer een beetje jammer).

Net zoals ik betwisten critici binnen de antipsychiatrie niet dat sommige mensen emotionele of psychische problemen ervaren of dat er zinnige therapieën bestaan. Ze, we, zijn het voornamelijk erg oneens met het systeem psychiatrie (plus de maatschappij) over de bron van deze problemen en over de juistheid van het labelen van deze problemen als ziekte.

Ik heb last van wat er in de wereld gebeurt. Ik vind het moeilijk om me te hechten aan mensen, ik heb vaak geen invloed op mijn emoties, ik wissel nogal flink van stemming en ik kan niet goed omgaan met prikkels van anderen (geluid, emoties, geuren). De ziekte ‘borderline’ of de andere stoornissen waarmee ik ben gediagnosticeerd, zijn niet de bron van deze psychische problemen. En ik ben niet ziek. Ik heb het wel vaak moeilijk.

Misdiagnostisering

Wat nou als de psychiatrie (en de maatschappij, maar goed, één vastgeroest systeem per keer) mensen zou benaderen als mensen die het moeilijk hebben en niet als mensen met een ziekte/stoornis? Ik denk dat er dan heel veel verandert. De eerste stap is dat de klachtgerichte behandelingen verdwijnen, de therapieën die gericht zijn op het genezen van ziektes – zoals de MBT voor borderliners.

Ik lees zo vaak over mensen die de ‘verkeerde’ diagnose hebben gekregen en dus ook een ‘verkeerde’ behandeling en die jaren later een andere diagnose krijgen en dan ook weer een andere behandeling. Antipsychiatrie-aanhangers hebben het over de vage en ruime omschrijvingen van diagnoses, zelfs binnen en tussen de belangrijkste diagnostische handboeken, de DSM en ICD. Er bestaat veel overlapping, onduidelijke definities en veranderlijke grenzen tussen de ene en de andere stoornis (bron: van Os, J. A comparison of the utility of dimensional and categorical representations of psychosis, Psychological Medicine 1999, 29 (3): 595–606).

In Bijbel van de Psychiatrie, een aflevering van Labyrint, zegt hoogleraar psychiatrie Jim van Os: ‘er is geen wetenschappelijke basis voor de diagnoses (…) het is een soort afsprakenboek tussen clinici van ‘laten we dit ongeveer dat noemen en dat ongeveer zo noemen’’. Jim van Os benadrukt dat de beschrijvingen geen ziektes zijn, maar labels.

Het is een onwijs groot probleem dat onze huidige geestelijke gezondheidszorg op de verkeerde manier met die DSM omgaat. De GGZ ziet die diagnoses, die labels, als ziektes en op basis van die interpretatie hangt de GGZ behandelingen aan de betreffende ‘ziektes’.

De mens voorop

Laten we met z’n allen even normaal doen en stoppen met die stomme diagnoses en regeltjes voor zogenaamd ‘ge-/verstoord’ of ‘ziek’ gedrag. Ik wil gewoon bij de psychiater aankloppen omdat ik me volledig kut voel en dat de psychiater dan zegt: kom binnen, we gaan kijken hoe we er samen voor kunnen zorgen dat jij je minder volledig kut voelt. En dat het dan niet meer uitmaakt of ik een borderliner, autist, narcist, bipolair mens, kikker, erwt, groen, paars of blauw ben.

Wat als de psychiatrie de mens voorop stelt?

Gerelateerde artikelen