VOORUITGANG (TWEE)

(ii)

dit is ook een herinnering
een glas water

een vol glas water dat je op moet drinken
(anders droog je uit of stik je in je kots vannacht
in beide gevallen ga je dood)

en dan de ochtend
waarop alles terugkomt:
armen om je schouders
handen met ontelbare vingers
een tong achter je
in je oor om je tepel een wijs-
en middelvinger – de taal werd uit je lichaam gewreven

je telde stil het klikken van het lichtknopje

dat beeld op de grond
languit lig je tegenover de voordeur
de huid heet, een vuist knalt
op tafel die ene regel
het gedicht een ruimte

je wacht op een woord
dat als een wond openklapt.

Gerelateerde artikelen